Financieel verslag 2025

Grondslagen voor de waardering van activa en passiva

Materiële vaste activa
Materiële vaste activa worden, voor zover niet anders vermeld, gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs inclusief direct toerekenbare kosten, onder aftrek van lineaire afschrijvingen gedurende de verwachte toekomstige gebruiksduur en bijzondere waardeverminderingen.
Financiële vaste activa
Deelnemingen worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Indien in deelnemingen invloed van betekenis wordt uitgeoefend, worden deze gewaardeerd tegen netto-vermogenswaarde. Deze is berekend door de activa, voorzieningen en schulden te waarderen en het resultaat te berekenen op basis van de voor de moedermaatschappij geldende waarderingsgrondslagen. Voor ingehouden winsten van tegen netto-vermogenswaarde gewaardeerde deelnemingen, waarover de stichting niet vrij kan beschikken, wordt een wettelijke reserve gevormd.
De participaties in commanditaire vennootschappen zijn gewaardeerd op verkrijgingsprijs.
Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa
De vennootschap beoordeelt op iedere balansdatum of er aanwijzingen zijn dat een vast actief aan een bijzondere waardevermindering onderhevig kan zijn. Indien dergelijke indicaties aanwezig zijn, wordt de realiseerbare waarde van het actief vastgesteld. Indien het niet mogelijk is de realiseerbare waarde voor het individuele actief te bepalen, wordt de realiseerbare waarde bepaald van de kasstroomgenererende eenheid waartoe het actief behoort. Van een bijzondere waardevermindering is sprake als de boekwaarde van een actief hoger is dan de realiseerbare waarde; de realiseerbare waarde is de hoogste van de opbrengstwaarde en de bedrijfswaarde. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt direct als last verwerkt in de winst-en-verliesrekening onder gelijktijdige verlaging van de boekwaarde van het betreffende actief.
Vorderingen
Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde inclusief transactiekosten. Vorderingen worden na eerste opname gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve-rentemethode, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen. De effectieve rente en eventuele bijzondere waardeverminderingsverliezen worden direct in de winst-en-verliesrekening verwerkt.
Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering.
Liquide middelen
Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en deposito’s met een looptijd korter dan twaalf maanden. Rekening-courantschulden bij banken zijn opgenomen onder schulden aan kredietinstellingen onder kortlopende schulden. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Eigen vermogen
Financiële instrumenten die op grond van de economische realiteit worden aangemerkt als eigenvermogensinstrumenten, worden gepresenteerd onder het eigen vermogen.
Voorzieningen
Algemeen
De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. De voorziening dubieuze debiteuren wordt gewaardeerd tegen de nominale waarde. De overige voorzieningen worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen af te wikkelen, indien het effect van de tijdswaarde van geld materieel is. Indien de periode waarover de uitgaven contant worden gemaakt maximaal een jaar is worden de overige voorzieningen tegen nominale waarde gewaardeerd.
Jubileumuitkeringen
De voorziening voor jubileumuitkeringen wordt opgenomen tegen de contante waarde van de verwachte uitkeringen gedurende het dienstverband. Bij de berekening van de voorziening wordt onder meer rekening gehouden met verwachte salarisstijgingen en de blijfkans. Bij het contant maken is een rentevoet ad 1% (2024: 1%) als disconteringsvoet gehanteerd.
Kortlopende schulden
Kortlopende schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Kortlopende schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten. Dit is meestal de nominale waarde.
Langlopende schulden
Langlopende schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de langlopende schulden worden in de waardering bij eerste verwerking opgenomen.
Langlopende schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten. Indien geen sprake is van (dis)agio of transactiekosten is de geamortiseerde kostprijs gelijk aan de nominale waarde van de schuld.
Het verschil tussen de bepaalde boekwaarde en de uiteindelijke aflossingswaarde wordt op basis van de effectieve rente gedurende de geschatte looptijd van de langlopende schulden in de winst-en-verliesrekening als interestlast verwerkt.
Pensioen
De pensioenkosten worden verwerkt in overeenstemming met Richtlijn 271.3. Deze verwerkingswijze sluit aan op de risicoverdeling tussen de betrokken partijen bij de pensioenregeling. De Stichting Regionale Omroep West heeft voor haar werknemers een pensioenregeling getroffen bij het bedrijfstakpensioenfonds. De aan de pensioenuitvoerder betaalde premies zijn als last in de winst- en verliesrekening verantwoord.
PNO Media had eind december 2025 een beleidsdekkingsgraad van 122,5%. De ‘beleidsdekkingsgraad’ is het gemiddelde van de laatste twaalf actuele dekkingsgraden. De actuele dekkingsgraad is in december 2025 uitgekomen op 129,3%.